zondag 6 april 2014


Boomchirurgie
6/4/2014 - In en om Oudenaarde staat een leger van fietsliefhebbers schouder aan schouder om de hoogste hoogmis van het jaar te vieren: De Ronde! Vandaag alleen woorden als kracht, moed, doorzetting, opoffering en sterven. Behalve in de VIP-tenten natuurlijk, waarin het comfort elk jaar stijgt en de decadentie in de gulzige kelen stroomt.

Niets van dat alles bij de Trappers, die solidair met de renners hun wekelijkse tocht rijden. Een tochtje dat eerder kabbelt, geen één die er vaart achter zet. Tijd genoeg om te keuvelen over het verschil tussen een water- en een windmolen. Bij de ene moet het daarna naar boven, bij de andere naar beneden!
Pechritje wel, met één val en twee technische pitstops. Freddy V is zo onder de indruk van de amazones op een manege in de buurt van Vurste, dat hij de gracht in duikelt. Het levert hem alleen een bruine rechterkant op, de andere mankementen had hij voordien ook al. Martin toont tijdens het voorval zijn kwaliteiten als boomchirurg (zie filmpje).

Even verwarring ook in Oordegem bij de brug over de autosnelweg. Verboden erover te rijden en een man op een fiets die ons toeroept dat ‘de brug afgebroken is’. Kristof wil liever eerst een kijkje nemen. Blijkt dat het kleinood er nog ligt en met enig ‘boots-on-the-ground-werk’ toch over te steken is. Het brugdek is wel een Vlaams receptje van klinkers, kasseien en asfalt. Inderdaad tijd dus voor een oplapbeurt.
Na Massemen Ploatse weer een technische stop, wij rusten even uit op een bankje en proberen de energiepolitiek van Europa op te lossen. Dat het toch allemaal zo gemakkelijk niet is…

De kilometers zijn voorbij gevlogen en ik pedaleer richting huis zonder bezoek aan het verversingskraam. Ik wil snel voor de tv.
Het gekakel van Michel Wuyts en José De Cauwer wiegt mij zachtjes in slaap tot 80km voor de meet, dan een koffie en dan… kracht, moed, doorzetting, opoffering en sterven!

maandag 31 maart 2014


Redt-U-Zelven (1925)
30/3/2014 - Het zomeruur lokt vijf slechte verstaanders om halfnegen naar de Tobbe. Even de voorzitter gebeld, die als de gesmeerde bliksem ter plaatse komt om de schade op te meten. Een beslissing van de Duitse bezetter in 1914, namelijk prutsen met de klok, speelt mij anno 2014 nog parten. Het is als een obus die je na 100 jaar boven haalt en ontploft.

De voorzitter is in de haast zijn kluts vergeten en pas dicht bij het Donkmeer wordt zijn afwezigheid opgemerkt. Hij zal later op de route aanpikken!
Het land rond Aalst moet vandaag onze rijwielwoede ontgelden en met flinke tred gaat het door dorpen als Impe, Vlierzele, Oordegem, Affligem…

In Gijzegem zijn we zowaar getuige van een Tai-Chi-spektakel. Een grote groep dorpelingen maakt met het gezicht richting opkomende zon, trage, sierlijke bewegingen. Als het waar is dat de Pekinezen binnenkort de wereld zullen overheersen, zijn ze hier alvast voorbereid. Alleen nog een paar gelakte eenden aan het kippenkraam en Gijzegem wordt Gixinxiam.
De rit meandert sterk en ik heb moeite om na iedere bocht weer aan te pikken. En dan is er een nog nooit geziene 2km-lange hellende kasseistrook. Gedaver en gebots maken zich meester van mij en mijn fiets en ik wens dat ik nooit geboren was of tenminste vanmorgen het verstand had gehad in mijn sponde te blijven. Om het in het lokale dialect te zeggen, kom ik weer op het asfalt met ‘Twie ra oiren in e penneken gekloesjt’.

Ik ben blij als we de Dender oversteken in Fabrieksstad Aalst. Rechts de aluminium doos van Amylum (Tereos nu) en links de mooie gevel waarop staat: ‘Redt-U-Zelven’, het motto van de landbouwersoöperatieve die het gebouw in 1925 optrok. Dat is het Frank, redt-u-zelven, trekt euwe plan…
Eén lang feest terug naar Laarne wegens het overvloedig afdalen, sportactiviteit die ik koester als de liefdesvlam.

Ice cream, ice cream, we all scream for ice cream...

maandag 24 maart 2014


Paddentrek
24/03/2014 - De gewone zondagmorgenpraat. Wie zal er winnen vanmiddag? In die door regen getreiterde Milaan - San Remo.  En dat het toch beter is dan vorig jaar, want toen lag er nog sneeuw.

De wentelwiekers draaien vervaarlijk snel vanmorgen, er wordt elektriciteit gemaakt dat het geen naam heeft. Het betekent wel dat we alweer tegen de wind fietsen. We verkennen de bovenkant  van Gent en rijden via Beervelde en Zaffelare naar Wachtebeke. Heel rustig, niemand op straat. Eén enkele man loopt in zijn tuin mollen te vangen. Het tempo ligt al hoog en zoon en kleinzoon De Wilde nemen het voortouw. André en Jeanette hebben hun beste genen doorgegeven.
We suizen voorbij het Provinciaal Domein van Wachtebeke en een paar  tellen later krijgt Katrien een geschenk uit de hemel op haar zonnebril. Niet dat het haar stoort om het Kloosterbos te herkennen, groene long in de achtertuin van Arcelor Mittal. Geen piketten te bespeuren bij ‘Sidmar’, Lakhsi Mittal mag zich nog eens keren in zijn dure bed in Kensington.

Zelzate ontwaakt en op de markt krijgen de cafés hun eerste stamgasten over de vloer. ‘Geef bloed’ , staat er op een grote spandoek. Een verslapen Zelzaatse steekt , snel aan haar sigaret trekkend, nog voor onze wielen de straat over.
Niemand die nog weet dat hier in 1893 René Vermandel het daglicht zag, in de jaren ’20 winnaar van de Ronde van Vlaanderen en tweevoudig winnaar van  Luik-Bastenaken-Luik. De tijd vermoordt alle helden! Als eerbetoon aan René trappen de gebroeders Nimmegeers zich naar de kop. De wind kent  geen genade meer als we over het Kanaal Gent-Terneuzen weer richting huis fietsen. Even halt houden om de regenjasjes aan te trekken en dan een leerrijke tocht door de Gentse haven waar Tsjernobil-achtige structuren zij-aan-zij staan met nieuwe industrie.

Een ontdekking ook, de jachthaven van Langerbrugge! Dan over Meulestedebrug, al vijftig jaar icoon van verkeerschaos, en langs de New-Orleansstraat richting  stal. Het bevalt de Gentse chauffeurs niet dat we in groep rijden en ze toeteren als binnenvarende pakketboten. Gentenaars kunnen zo pedant zijn, nietwaar ondergetekende?
We zien de Schelde en haar riet, dat bijna tot op het rimpelende water buigt. Even later persen we alles uit de kas langs de E17. Op het einde van de ‘vrije zone’ staat een bord: ‘Opgelet: paddentrek!’.

Zo traag rijden we nu ook weer niet...

zondag 16 maart 2014


Poetin
16/3/2014 - De grauwe soep die gisteren door het zwerk kolkte, heeft in de nacht plaats gemaakt voor een helderblauwe cocktail met de zon als schijfje citroen. Er is alleen die strakke wind, die het plaatselijk iets onaangenamer maakt in het zadel. Het gaat meteen hard in dit voorjaarsritje, hoewel de meeste luipaarden nog dikke kuiten hebben van de Omloop van Vlaanderen.
In Munte worden we meteen een ‘nijdigaard’ opgejaagd en aan het einde krijgen we de Lange Munte als vastenspijs. We zijn immers nog in de veertigdagentijd. Tussen Munte en Lange Munte liggen Dikkelvenne, Baaigem en St-Lievens-Houtem, dorpen die in galop veroverd worden.

Onderweg toch nog even tijd om de stijlbreuken op te merken in de bouwwoede van de Vlaming. Waar elders kan je broederlijk naast elkaar een Spaanse haciënda, een pastoriewoning en een modernistische kubus zien?
In Vlaanderen is ook alles langs de weg te koop. Ik som even op: dwerggeitjes, ‘nieuw’ fruit, aardappelen, gebraden kippen…

Tijdens de rit steekt ondergetekende even de draak met Freddy Bianchi, die niet voor de clubbroek heeft gekozen maar voor iets wat lijkt op figuurcorrigerend ondergoed. Kwestie van de buikwand wat te helpen bij het ondersteunen der ingewanden.
De zonnecrème, die ik rijkelijk heb aangebracht, bereikt mijn ogen ter hoogte van Laarne, waar ik te horen krijg dat we nog niet de benodigde kilometers hebben. Christoph zuigt meteen een toertje uit zijn duim en gidst ons via Harry Malter naar de Wastobbe. Even voorbij het dierenpark jogt ons een blondine tegemoet en een paar Trappers willen meteen van sporttak veranderen.

Ter Tobbe groeit de overmoed met elke Duvel Tripel Hop (9,5%): “We gaan zaterdag den Ename rijden, ’t zal wel al uitgepijld staan”. Daarna: “Als ge naar d’Alpen gaat, moet ge zeker doen: de Galibier, de Glandon, de Madeleine en de Croix de Fer”. Tenslotte wordt overwogen om met de fiets naar Rusland te rijden.
Poetin zal het graag horen.

De Wastobbe: in uniform en met stijl, 16/3/2014

zondag 2 maart 2014


De Mens
2/3/2014 - Lage zon over het Vlaamse landschap, dat zich langzaam ontvouwt net zoals een egel dat doet nadat het gevaar geweken is.
Het liedje ‘Dampende Lijven’ van De Mens schiet me te binnen als ik de massa zie aan de Wastobbe. De kou van de voorbije nacht  laat de fietsers roken als pas gebluste huizen.
De luipaarden gooien de tang in het vuur maar ondergetekende laat zich verleiden tot een koffieklets met de sympathieke hazewinden en moet in het wiel van Freddy V meteen 500m goedmaken.
De winter was mild, maar zoals iedereen weet is maart een vuile taart. Op sommige delen van de weg rijden we dan ook over wat lijkt op geplette eclairs.

Een mooi lusje rond het Donkmeer tot bijna in Waasmunster en terug, dat staat op het menu. We passeren het gehucht Avermaat en denken aan de onfortuinlijke Greg Van Avermaet, die gisteren de wegversmalling aan frituur ‘De Gouden Saté’ niet goed heeft ingeschat en zo een wieltje tekort kwam op het Sint-Pietersplein. Gentse studenten zullen die fout niet licht maken. Het overgrote deel van de daar geschilde frietpatatten zijn immers voor hun magen bestemd. Wie daar nog nooit een frietje heeft gestoken, werpe de eerste steen.
Ik dwaal af, terug naar de rit. ‘In onze noodwendigheden aanroepen we weer Maria’ in Zele maar het haalt weinig uit. Steven kiest het trottoir en van alle kanten wordt ‘plat’ geroepen. “ ’k Heb het gevoeld, ’t was een steentje”, zegt Steven, die er koel bij blijft en onmiddellijk zijn gereedschapskist bovenhaalt. Wij verpozen, niet geheel met tegenzin, met een slokje en een reepje. Kristof geeft Eric wat technische uitleg over carbon en de gevoeligheden ervan. Ik bestudeer het naambordje aan de gevel van de veearts waar we staan. Ik lees iets van: puppysocialisatietraining. Goed idee, maar zou bij een Pitbull de algehele verwijdering van het bijtporselein niet beter zijn?

Onze groep zet zich weer in beweging om kort daarna voor de overweg weer halt te houden. De TGV Lokeren-Sint-Niklaas zoeft voorbij. De slagboom gaat omhoog en Steven wordt verschalkt door een man gezeten op een antieke vélocipède. Enig opzoekingswerk van de redactie wees uit dat hij Napoleon nog persoonlijk heeft gekend.
Het laatste stukje is flink lastig, de wind zwelt aan. Plots voel ik echter een duwtje in de rug dat me vlot tot de Tobbe brengt. Er is nog geen soep en ik stel me tevreden met twee rozenbotteltheetjes terwijl ik een conversatie volg over de fietsapp ‘Strava’.  Kristof zegt: “ ’t Is gemakkelijk, ge moet niets doen, alleen uw gsm moet aanstaan.”
Dat lijkt me wel wat, niks doen…              

Stilleven, de Wastobbe, 2/3/2014
 
 

donderdag 16 januari 2014


Verveling
16/01/2014 - De natuur raakt niet in slaap omdat de winter zich niet toont. Niks dan regen, wind en weifelende wolken. In de velden, op dikke banden, is het goed toeven. Voor zij die van modder houden!

Langs de Schelde fietsen kromgebogen pensionado’s omdat ze genoeg hebben van croissants en Zondagskrant. De takken en het gebladerte nemen ze erbij. Het hoofd naar beneden onder een immens hemeldak van treiterend weer.
Eén enkele keer wit gras onder ijs van één nacht. Ik wandel langs het Muntepad, een schoen is immers sneller schoon dan een fiets. Noem het luiheid of intelligentie, het maakt niet uit. Het kraakt hier en daar onder mijn voeten. Het is vroeg, ik ben alleen met mijn geliefde.

Of toch niet. Een vrouw met een hond, die een rokend pakje achterlaat. Mijn gelaat tintelt als ik naar de kerk van Baaigem kijk. Een beetje winter doet deugd. We lopen richting Molen, daar aan dat mooie huis waarin iedereen wil wonen.
We lopen de kasseien op en in een modderspoor staat een bandafdruk van een vroege fietser. Een flandrien die net als de luipaard liefst in de vroege morgen jaagt.

Over acht weken behoor ik ook weer tot de jachtluipaarden, of zullen het de hazewinden zijn?

Spoor van de jachtluipaard, Baaigem 12/01/2014

zondag 25 augustus 2013


Don Fredo
25/8/2013 - Alfred Hamerlinck laat bij niemand een belletje rinkelen, zelfs niet als we in Wondelgem in pittige kadans voorbij het door hem in 1940 geopende café ‘Don Fredo’ draven. Don Fredo (1905-1993) was een wielervedette in zijn tijd. In 1931 twee  ritzeges in de Tour en één dag gele trui. In 1936 winnaar van de Zesdaagse Van Antwerpen. Drager van de koerstruien van de Franse sponsors Automoto, Général Lucifer en Dilecta. In 1927, toen de gemiddelde Vlaming nooit verder dan tien kilometer van zijn erf kwam, reed Alfred de Vuelta Ciclista al País Vasco. Jawel, de Basken rijden al lang op twee wielen!

Als jong ventje ging ik met mijn oom eens een cola drinken in dat café, enkel en alleen om die ridderlijke figuur eens van nabij te zien. Plots kwam hij uit de keuken binnengewandeld en dat beeld, dat beeld... wel, dat zag ik weer toen we er voorbijreden. Charisma van kop tot teen!
Maar goed, er volgen nog 100 kilometer en het is maar goed dat Steven en Jürgen de roedel leiden want hoewel Frank Deboosere weer een voorspelling heeft gedaan die in een andere stiel tot ontslag kan leiden, staat de wind hard in het gezicht. Het tempo is jachtig, gepast voor jachtluipaarden. Reisdoel: Ijzendijke in Zeeland. Reisafstand: 120 kilometer.

We galopperen voorbij Paris-Texas in Ertvelde en - toeval of niet - we passeren ook Assenede, geboortedorp van Alfred Hamerlinck. Iedereen kijkt voor zich uit, 33km/uur is geen mijmersnelheid.
Geen mijmeren mogelijk over het vissersverleden van Boekhoute, hoewel de provincie Oost-Vlaanderen overal borden met uitleg plaatst. Die zal ik dus allemaal lezen als ik met pensioen ben.

Het bezoek aan Nederland is kort, hoewel, ik houd wel van de Zeeuwen. Ze zijn Vlaamser gebekt dan de echte Hollanders, zijn gastvrij en serveren prima mosselen. Waterlandkerkje en Turkeije en we hebben het gehad, weer naar het vaderland.
Sint-Margriete, Bentille, Kaprijke, Waarschoot en we ruiken Gent. Niet spijtig want de snelheid en de kilometers beginnen te wegen. Ter hoogte van Halewijn gaat het richting Laarne.

Ik voel me prima op Drongenbrug en trek eens door, niet uit hovaardigheid maar wel van blijdschap omdat ik mijn Gentse torenrij zie. Maar ja, Gent is Laarne niet en dat moet ik bekopen. De Jozef Plateaustraat doet me de das om en er volgt een accordeonrit tot aan de Wastobbe.
Gelukkig zijn er af en toe een paar stuwende handen (weet je nog Alain?) die me tot de koord brengen.

Van de week koop ik een bak Fristi!
Alfred Hamerlinck, alias 'Don Fredo' (1931)